IndexPortalKalenderFAQZoekenGebruikerslijstGebruikersgroepenRegistrerenInloggen

Deel | 
 

 Madeline Lewis

Ga naar beneden 
AuteurBericht
Madeline Lewis
Admin
avatar

Naam : Celeste
Aantal berichten : 1
Leeftijd : 26
Woonplaats : the Interwebs~

Character sheet
Alias: Achilles
Leeftijd: 18
Partner: I would know him in death, at the end of the world.

BerichtOnderwerp: Madeline Lewis   zo maa 24, 2013 1:54 am

there is no answer. whichever you choose, you are wrong.

ALGEMEEN
Storybrooke naam: Madeline Lewis
Sprookjesnaam: Achilles
Leeftijd: 18
Herkomst: Storybrooke / Pthia
Partner: I would know him in death, at the end of the world.
Familie:
» Joseph Lewis / Peleus (father)
» Claire Lewis-Howard / Thetis (mother)
Baan/opleiding: Filosofie

UITERLIJK
Kledingstijl: Smart, alternatief
Haarkleur: Bruin
Oogkleur: Blauwgroen
Lichaamsbouw: Normaal/slank
Extra: -

PERSONALITY
» Caring – Madeline is erg zorgzaam naar diegenen die ze als ‘de haren’ beschouwt; toen ze nog echt Achilles was vielen hier Patroclos, zijn vader en de Myrmidonen onder. In Storybrooke zijn dit haar klasgenoten, die in haar gedachten de plaats van de Myrmidonen hebben ingenomen, en nog steeds haar vader, nu zelfs in grotere mate dan eerst, omdat hij nu zwakker lijkt dan voorheen. Door deze persoonlijkheidstrek glimlacht ze snel en lijkt ze op het eerste gezicht een onschuldig meisje.
» Determined – Madeline is vastberaden, haast tot het koppige aan toe. Ze stopt niet voor ze haar doel heeft bereikt, al valt ze er dood bij neer. Een negatieve kant hieraan is dat ze geïrriteerd of zelfs kwaad uit de hoek kan komen wanneer iets niet lukt zoals zij het voor ogen heeft.
» Brave – Ze is niet bang om degenen waar ze van houdt of de dingen waar ze voor staat te verdedigen en is daarbij in het geheel niet bang voor gezag. Ze zou nog tegen de koningin van Groot-Britannië ingaan als ze vond dat deze haar of de haren op de een of andere manier benadeeld had. Vooral deze karaktereigenschap is een overblijfsel van Achilles, die zich nog gesterkt voelde door zijn haast onaantastbare lichaam en zijn moeders zekerheid dat hij groots zou worden. Ook al is ze nu in velerlei opzicht zwakker dan voorheen, haar dapperheid is nog net zo sterk aanwezig.
» Righteous – Madeline heeft een sterk gevoel voor rechtvaardigheid, en een duidelijke mening over wat goed en slecht is, of wat er wel en niet door de beugel kan. Ze gelooft in ‘ieder het zijne’ en zal dan ook haar mond opentrekken wanneer ze voelt dat iemand zijn of haar rechtvaardig deel ontzegd wordt. Hier hangt ook een beetje trots mee samen; ze trekt haar mond namelijk ook meteen open wanneer ze vindt dat haar iets ontzegd wordt wat ze eigenlijk wel verdient.
» Wilful – Madeline wil wat Madeline wil, en ze zal het krijgen ook, wat jij ook zegt. Als Madeline vindt dat iets A is, en jij vindt dat het B is, dan zit jij ernaast, en kun je hoog en laag springen, je zult haar er nooit van overtuigen. Dit gedeelte van haar persoonlijkheid is iets minder sterk geworden nu ze Madeline is; ze voelt ze beperkingen van haar vrouwelijke en bovendien menselijke lichaam en weet dat ze minder gezag geniet dan als Achilles in Pthia, en is dus nu sneller bereid compromissen te sluiten of haar ongelijk toe te geven.
» Impatient – Iets waarin ze totaal niet veranderd is: ze is ontzettend ongeduldig. Als ze iets wil, of dat nu naamsbekendheid hebben als Achilles of Patroclos terugkrijgen als Madeline, ze wil het ’t liefste gisteren, als het even kan. Lichamelijk uit dit zich in een onrustigheid wanneer het haar allemaal maar wat te lang duurt.

SPROOKJESKARAKTER
Naam karakter: Achilles
Verhaal: Ilias / The Song of Achilles
Soort: Mens/held
Geschiedenis: De zeegodin Thetis was een gewilde partij onder de goden, en dan vooral bij Zeus en Poseidon, die er alles aan deden haar het hof te maken, ondanks het feit dat ze beiden al een gemalin hadden. Thetis had moeite de machtigere goden af te weren tot de twee erachter kwamen dat de zoon die Thetis zou baren machtiger zou worden dan zijn vader; bij dat vooruitzicht hielden Zeus en Poseidon het voor gezien, omdat ze geen van beiden hun positie wilden opgeven. In plaats daarvan werd Thetis aan de sterfelijke Peleus beloofd, koning van Pthia—als hij haar letterlijk kon vangen, tenminste. Thetis kon namelijk van gedaante veranderen, en gebruikte dat in haar voordeel, omdat iedereen haar meteen losliet wanneer ze ineens in een slang of leeuw veranderde. Peleus bleef haar echter vasthouden, en uiteindelijk moest Thetis zich gewonnen geven. Ze stemde in met een huwelijk, op voorwaarde dat ze terug zou mogen naar de zee zodra ze Peleus een erfgenaam gegeven had. Peleus ging hiermee akkoord. Hun bruiloft zou later het beginpunt van de Trojaanse Oorlog blijken te zijn, maar dat doet er nu niet meteen toe. Peleus en Thetis trouwden, en Thetis kreeg na drie jaar Achilles.

Vlak na Achilles’ geboorte kreeg Thetis een voorspelling te horen; haar zoon zou groots worden, maar slechts kort leven, en omkomen in een oorlog van alle Grieken tegen Troje. Om haar zoon te beschermen waste ze hem in het water van de Styx, om hem zo onaantastbaar te maken—dat betekende dat hij wel gewond kon raken, maar dat hij niet aan deze verwondingen zou overlijden. Bij het wassen hield ze de jonge Achilles echter bij zijn enkel vast, waardoor dit een zwakke plek bleef; dit had Thetis zelf echter niet in de gaten. Ze stuurde Achilles terug naar zijn vader en ging, zoals haar beloofd was, zelf terug naar de zee. Ze bezocht haar zoon dikwijls, maar haar man meed ze—ze had nu eenmaal een hekel aan stervelingen, en dan nog wel het meest aan haar man, omdat hij haar had weten te strikken.

Achilles groeide op in welvaart maar ook in grote eenzaamheid; Peleus wist namelijk ook dat zijn zoon voorbestemd was tot grootse daden, en wilde niet dat er geruchten over hem zouden rond gaan wanneer hij zich op zijn best liet zien in sport of spel. Achilles trainde los van de andere kinderen in Peleus’ paleis, volgde zijn lessen alleen, sliep alleen; alleen bij het eten zag hij leeftijdsgenoten. Over het algemeen veranderde de samenstelling van de kinderen nooit, omdat Peleus niemand meer opnam. Op een dag, toen Achilles negen was, echter, verscheen er een nieuwe jongen—Patroclos heette hij, zoon van de koning van Opus. Hij viel Achilles op doordat hij stil en teruggetrokken was en niet in de buurt van Achilles probeerde te komen, terwijl de jongens in het paleis dit over het algemeen wel deden. Achilles vroeg zijn vader hem meer over Patroclos te vertellen, en kwam erachter dat hij door zijn vader verbannen was naar Pthia omdat hij zijn neef vermoord zou hebben. Peleus had hem opgenomen.

Achilles, die nog nooit iemand vermoord had maar wist dat hij dit wel zou moeten doen om de held te worden die zijn moeder altijd zei dat hij zou worden, raakte nu nog meer geïntrigeerd en ging tijdens het eten bij Patrcolos zitten. Patroclos keek hem eerst niet aan en hield zich nog steeds stil, maar nadat Achilles enkele malen naar hem geglimlacht had, stond Patroclos op een middag ineens voor hem terwijl hij luit aan het spelen was als voorbereiding op zijn les. Hij vroeg Achilles of hij hem ook kon leren luitspelen; als antwoord hierop nam Achilles hem mee naar zijn lessen. Enkele dagen later nam hij Patroclos mee wanneer hij ging trainen. Nog een week later, en hij liet een bed in zijn kamer zetten waar Patroclos op kon slapen, zodat hij niet meer de slaapzaal hoefde te delen met de rest van de jongens. Iedereen kreeg al snel door dat Patroclos en Achilles ontzettend close waren, en begonnen Patroclos met tegenzin met een klein beetje respect te behandelen.

Achilles en Patrcolos groeiden samen op, en werden haast onafscheidelijk. In zijn vroege tienerjaren kwam Achilles erachter dat zijn blik steeds vaker op Patroclos bleef rusten, wanneer hij sliep of oefende met luit spelen of wanneer hij trainde; hij kwam er ook achter dat zijn huid tintelde wanneer Patroclos een hand op zijn schouder rustte. Toen hij zijn moeder vroeg wat dat kon betekenen, trok ze haar lippen samen en verdween ze zonder enig woord terug naar zee. Hierdoor begon Achilles zich langzaam maar zeker te realiseren dat wat hij voor Patroclos voelde verder ging dan alleen vriendschap. Hij durfde er echter niet op in te gaan—twee jongens was in hun samenleving niet echt iets waar op neergekeken werd, maar helemaal proper was het nu ook weer niet, en wat als Patroclos niet hetzelfde voelde? Dan zou Achilles zijn vriendschap verliezen, en dat wilde hij niet. Wat hij niet wist, was dat Patroclos met dezelfde problemen worstelde. Door stom toeval liet één van de twee, Achilles weet al niet eens meer wie, er op hun zestiende iets over los; sindsdien was Patroclos’ bed in Achilles’ kamer onbeslapen.

Het mocht niet zo mooi blijven. Toen Achilles bijna achttien was, verscheen zijn moeder in zijn kamer toen Patroclos al diep in slaap was, en beval hem met haar mee te komen. Toen hij weigerde, vertelde ze hem dan eindelijk wat ze wist: er zat oorlog aan te komen, oorlog tussen Grieken en Trojanen omdat een Trojaan de vrouw van een Grieks vorst geschaakt had, en Achilles zou in deze oorlog sterven als hij erin meedeed. Om dit te voorkomen, nam Thetis Achilles mee naar Skyros, en verstopte hem onder de dochters van koning Lycomedes. Niemand mocht echter het flauwste idee hebben wie Achilles was, dus hulde ze hem in vrouwengewaden en vertelde hem zich voor te doen als vrouw. Niemand mocht weten dat hij in werkelijkheid Achilles was.

Achilles was van Pthia weg moeten gaan zonder iets tegen Patroclos te zeggen, en smeekte zijn moeder hem naar Skyros te halen, beloofde haar dat Patroclos zijn identiteit niet zou prijsgeven; Thetis was lange tijd stil, maar zei hem uiteindelijk dat ze Patroclos zou zeggen waar Achilles was. Hiermee liet ze Achilles achter op Skyros en vertrok terug naar zee. Ze benaderde Patroclos niet, en vertelde hem al helemaal niet waar Achilles was. Dit was haar kans om Patroclos, die in haar ogen zwaar minderwaardig was aan Achilles, bij haar zoon weg te houden. Achilles wachtte intussen op Skyros tot Patroclos zou aankomen, vermomd als dochter van Lycomedes. Achilles was hier toen de vloek toesloeg, en werd zodoende een meisje in Storybrooke.

STORYBROOKE HISTORY
Madeline groeide op bij gescheiden ouders; haar vader en moeder waren getrouwd omdat dat van hen werd verwacht, maar haar moeder had haar vader nooit echt gemogen en was enkel met hem getrouwd omdat ze nu eenmaal geen andere keuze had; vrijwel direct na Madeline’s geboorte vertrok ze en ging weer bij haar ouders wonen. Madeline groeide op bij haar vader, die een ontzettend lieve man was maar zich door het vertrek van zijn vrouw en zorgen over Madeline al snel oud ging voelen. Madeline probeerde haar vader zo veel mogelijk bij te staan door zo min mogelijk naar haar moeder te gaan, maar eens in de zoveel tijd had ze behoefte aan haar moeders advies en gezelschap en moest ze haar vader een dag of weekendje alleen laten. Wanneer ze bij haar moeder was geweest, zag ze haar echter minstens enkele weken niet meer.

Madeline werd door de meeste mensen wel aardig gevonden, en haar glimlach vermakkelijkte een voorstellingsproces. Ze bleek een goede studente te zijn die echter beter was met haar handen dan haar hersenen; toch ging ze filosofie studeren omdat dit haar om de een of andere vage reden erg trok, en hield ze het handwerken als een hobby. Naast haar studie, waar ze het goed genoeg deed om haar eerste jaar te halen, was ze ontzettend graag buiten. Ze genoot van het bos, van rennen met de wind in haar haren. Ze was dan ook meteen buiten te vinden wanneer het er een beetje weer naar was.

Op een dag was ze in het bos gaan hardlopen, en was ze tijd en afstand uit het oog verloren. Hierdoor was ze, tegen de tijd dat ze eigenlijk dorst kreeg en al thuis had moeten zijn voor een flesje water, bij de waterput uitgekomen. Ze was niet zo snel vies van dingen uit de natuur, maar wist ook niet helemaal zeker of drinken uit een waterput wel zo veilig was; ze bedacht zich dat mineraalwater niet veel anders was dan gewoon water uit de natuur, en hees de emmer dus uit de put omhoog, het water met haar handen omhoog scheppend en ervan drinkend. Vrijwel meteen daarna kwam het als een klap aan: een vloedgolf aan beelden en woorden die haar engig bekend voorkwamen.

In de beelden zag ze zichzelf, jong en sterk, met roodblond haar en zeegroene ogen—en bovenal, mannelijk. De figuur die ze zag was duidelijk een jongen, maar Madeline wist meteen dat ze naar zichzelf keek, meteen wist ze dat haar naam Achilles was. Ze zag zichzelf met een luit in haar handen, voelde het gewicht van een speer en het gepoleiste gevest van een zwaard. Ze rook de zoute zeelucht en dacht moeder, voelde de zon op haar spieren branden en dacht aan thuis, aan Pthia. Ze hoorde een stem, zacht, liefdevol, die haar naam in haar oor murmurde, en wist Patroclos, en sloot haar ogen, want Patroclos was niet echt hier, was niet bij haar. Hij was wel in haar herinneringen. Daar sloot ze haar arm, zongebruind en sterk, rond zijn schouders en hield hem tegen haar aan, mompelde verhalen en beloftes tegen zijn slaap.

Nieuwe beelden; ze zag zichzelf met Thetis, midden in de nacht, zij half over Patroclos heengebogen alsof ze er zo voor kon zorgen dat haar moeder haar niet zo mee zou nemen, niet zonder Patroclos, maar haar moeder wilde Patroclos niet bij haar, nam haar alleen mee, bracht haar op de golven naar Skyros. Ze voelde de zwaarte van de vrouwengewaden, hoorde het heldere gekling van de armbanden rond haar polsen—te zongebruind, haar armen te gespierd, wie zou ooit geloven dat ze een vrouw was—rook de scherpe zoetheid van het parfum tegen haar hals. Haar moeder’s stem, die haar vertelde dat niemand mocht weten dat ze Achilles was. Ze zou Pyrrha zijn; Achilles bestond niet tot de oorlog voorbij was. Troje zou vallen zonder de hulp van ἀρίστος ἀχάιον. Ajax kon Achilles’ strijd voeren. Achilles zou verdwijnen, overleven, in een andere oorlog dienen, zijn naam behalen, een lang en vol leven leiden.

Haar eigen stem, die Thetis smeekte Patroclos te halen. IJzige stilte, daarna een onwillige instemming en daarna een bries langs haar wang die aangaf dat haar moeder weg was. Ze wachtte, keek in stilte naar de andere meisjes en kopiëerde hun maniertjes en hun timbre. Haar gezicht was slank; niemand keek verder dan dat. Ze was Pyrrha. Het beeld vervaagde. Een donkere wolk, gepanikeerd geschreeuw in het paleis. Haar ogen zoekend naar een speer, een zwaard, een boog, ook al wilde ze daar niet mee overweg kunnen, haar gedachten schietend naar Patroclos. Zware, allesoverheersende duisternis. Oorverdovende stilte. Daarna niets.

Toen Achilles’ ogen weer openden miste hij de zwaarte van een speer in zijn hand, het zand van de kust van Pthia onder zijn voeten, het gevoel sterk te zijn en alles aan te kunnen en, boven alles, Patroclos. Hij keek naar zijn lichaam, naar Madeline’s lichaam, en liet een schreeuw van frustratie horen. Hij was Achilles, ἀρίστος ἀχάιον, hij was niet Madeline Lewis, ook al had hij dat jaren—hoe lang? Hoe lang leefde hij al met valse herinneringen, hoe lang al zonder Patroclos?—wel gemeend. Het daagde dat het de bedoeling was geweest dat hij zich helemaal niet zou herinneren dat hij Achilles was; hij had voor altijd Madeline Lewis moeten blijven. Was hij de enige? Waren er anderen? Was Patroclos er?

Achilles kreeg in de gaten dat hij niemand anders tegenkwam die enige hint leek te geven dat ze twee sets herinneringen in hun hoofd hadden. Het echte probleem van deze hele situatie viel zwaar op zijn schouders: niemand zou hem geloven wanneer hij hen vertelde wie hij was. Zelfs Patroclos zou hem niet geloven, als hij hier al was; Patroclos zou een nieuwe naam hebben, een nieuw leven, een waar Achilles geen deel van uitmaakte, een leven waarin Achilles en Patroclos slechts een verhaal waren (hij had Socrates gelezen als Madeline, wist dat hun verhaal beschreven stond in een epos). Ze waren net zozeer van elkaar gescheiden als toen Thetis hem op Skyros verborg.

Die gedachte bracht hem tot bedaren. Het was net als op Skyros. Zijn moeder had hem in vrouwengewaden gehuld, en hij moest doen alsof. Niemand mocht weten dat hij Achilles was. Goed. Tot deze hele situatie opgelost was en hij Patroclos mee naar huis kon nemen, terug naar Pthia, zou hij Madeline Lewis zijn. Storybrooke was zijn Skyros, waar niemand zijn naam kende, en als Patroclos niet naar hem toe zou komen, zou hij Patroclos vinden. Hij zou bij hem in de buurt blijven tot hij het zich ook herinnerde, en hem dan mee naar huis nemen. Hij had geleerd van Lycomedes’ dochters, was jaren Madeline geweest, hij wist hoe hij een vrouw moest zijn, ook al bekte het hem niet en wilde hij het liefst het gehele bos ontwortelen. Hij zou geduldig zijn, zoals zijn moeder zo vaak gezegd had dat hij moest zijn, hij zou wachten.

Zodoende ging Achilles als Madeline Lewis verder. Ogenschijnlijk bleef ze hetzelfde meisje dat iedereen kende, met dezelfde warme glimlach; enkel wie verder keek, echt goed oplette, zag de plotselinge hardheid in haar ogen, het af en toe buigen en strekken van haar vingers alsof ze een grip op iets miste, de manier waarop ze haar kin net iets hoger hield dan eerst. Alleen diegenen die écht goed keken zagen de manier waarop haar ogen plotseling elke ruimte scanden, alsof ze naar iemand zochten; alleen diegenen zagen de koude glans die over het groenblauw heen schoof alvorens ze stopten met zoeken. Achilles zocht naar Patroclos, en blijft dat tot op de dag van vandaag doen, tot nu toe nog zonder resultaat.

TAG: Achilles. WORDS: 2.965. NOTES: Lange karakerkaart is lang~ x]
made by malone at caution 2.0
Terug naar boven Ga naar beneden
Profiel bekijken
 
Madeline Lewis
Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
 :: Character :: Character Introduction :: Accepted-
Ga naar: